AB Oost heeft afgelopen jaar een stuk of 8 medewerkers extra opgeleid tot koeienmelkers. “Er is meer vraag naar melkers”, aldus personeelsbeheerder Jan Dubbeldam. “Motivatie is belangrijk, dan kan ik het iedereen leren”, aldus melkveehouder Erik Wessels die de AB Oost mensen bijschoolt.
“Als ze hun certificaat halen durf ik ze op elk bedrijf in hun eentje een hele koppel koeien te laten melken.” Melkveehouder Erik Wessels heeft het afgelopen jaar een stuk of 8 medewerkers van AB Oost opgeleid tot koeienmelker. “Eentje werkte in de varkenshouderij en wilde graag breder inzetbaar zijn. Hij had wat melken betreft twee 'linkerhanden', maar was bijzonder gemotiveerd”, vertelt Erik. “Hij had het melken zo onder de knie, en had er zichtbaar plezier in gekregen. Een ander heeft genoeg aan een opfriscursus van een paar melkbeurten waarbij de puntjes weer op de i gezet worden wat betreft theorie en praktische vaardigheid.”
Melken uitbesteden
De melkveehouder klopte zelf bij AB Oost aan met de vraag of hij de opleiding voor zijn rekening kon nemen. “Het is lastige om goede, vaste melkers te vinden. Terwijl groeiende bedrijven wel graag het melken een paar keer per week uit handen willen geven om de arbeidsdruk te verminderen en sleur te doorbreken.” Erik is ook al jaren 'schoolmelker’ voor het AOC. “De AB Oost mensen hebben meer werkervaring, die pikken alle handelingen snel op”. Erik leert ze niet alleen de tepelbekers aan de spenen te hangen, ook de theorie krijgt aandacht. “We letten op hygiëne bijvoorbeeld, nazorg van de koe en reiniging van de apparatuur. Ook moeten ze de kleine mankementen kunnen verhelpen en de namen van de verschillende onderdelen weten voor het geval er een storingsmonteur gebeld moet worden. Ook is melkkwalitieit(sbewaking) een essentieel onderdeel.”
Bij Erik kunnen de 'studenten' 110 koeien melken in een 2 x 12 zij aan zij melkstal. “Dat is inderdaad behoorlijk aanpoten. Met het melken probeer je een hoge arbeidsproductiviteit te halen”, aldus de melkveehouder. Veel grote bedrijven werken met melkstallen van deze capaciteit. “Snelheid is een kwestie van routine; eerst werk ik met cursisten aan kwaliteit dan komt de kwantiteit vanzelf. Naast de cursus werken cursisten zelf aan hun vaardigheden op een melkadres die ze zelf zoeken of via AB Oost krijgen.”
Verbreding werk
Waar haalt AB Oost de melkers vandaan? “Uit het eigen personeelsbestand”, vertelt personeelsbeheerder Jan Dubbeldam. “Een aantal mensen zoeken verbreding in hun werk en zij zijn naar de cursus gegaan. Tot nu toe vooral mensen die werkzaam zijn in de varkenshouderij.” “Voor meer mensen is er dit jaar nog plaats’, zegt Jan. Ook medewerkers die geen ervaring met koeien hebben, zijn welkom. “We bekijken wel of iemand geschikt is”, houdt Jan een slag om de arm. “Melken gebeurt natuurlijk om 6.00 uur 's morgens en je bent 's avonds voor 20.00 uur niet thuis. Je bent dus aan het werk als anderen vrij zijn en dat wil niet iedereen.” Overigens is het niet vanzelfsprekend dat de kandidaten na de cursus ook slagen en een certificaat krijgen. “Eentje is er het afgelopen jaar gezakt”, vertelt Jan die zelf de eindbeoordeling doet. “We moeten streng zijn, want een melkveehouder verwacht wel een volwaardige en zelfstandige melker als hij AB Oost belt.”
Erik heeft het er maar mooi makkelijk mee, want zo zijn er velen die bij hem de koeien kunnen melken. “Ja, dat zou wel kunnen, maar ik heb al een medewerker die twee keer in de week melkt, dus ik maak al een tijd gebruik van deze dienstverlening van AB Oost.”
Vrouwen doen het beter!
“Als man zeg ik het met enige spijt, maar vrouwen melken toch echt beter.” Melkveehouder Erik Wessels uit Rijssen ziet in zijn melkstal dat de dames secuurder zijn. “Als mannen het kunstje eenmaal kennen worden ze vaak ook slordiger.”Hij adviseert AB Oost dan ook vooral dames op te leiden tot melker. “Ik kan het iedereen leren, mits ze niet bang voor koeien zijn. Bovendien zijn de melktijden vaak tussen 17.00 en 20.00 uur, dat is voor vrouwen die er een baantje bij zoeken wellicht een makkelijke tijd om te combineren met hun partner en gezin thuis.”