Met z'n allen op het wiedbed

MaatschapVanNieuwehuyzen-12Rust en ruimte. De Flevopolder geldt als het walhalla voor veel agrarische bedrijven. Ook biologische akkerbouwers Carla, Adri en Leen Nieuwenhuyzen boeren er met veel plezier. En dat geluk delen ze graag met anderen. Er is dan ook volop bedrijvigheid op het erf in Biddinghuizen: mensen lopen af en aan om samen de klus te klaren. Zeker in de biologische teelt is de factor arbeid cruciaal voor succes.

Een van de belangrijkste uitdagingen voor de biologische akkerbouwers? Daar hoeft Carla van Nieuwenhuyzen niet lang over na te denken: “Het onder de duim houden van onkruid.” In 2000 schakelde het bedrijf over van gangbaar naar biologisch. “Tot 2004 lukte het nog zonder al te veel personeel. We hadden gediepploegd en het aantal onkruiden dat tot 2004 opkwam, was gering. Daarna konden we het zonder extra hulp niet meer bolwerken.” In de biologische teelt is onkruidbestrijding met chemie taboe. Alles moet mechanisch dan wel met de hand. En dat is een flinke klus.

Wederzijds respect

“Nederlanders zijn voor deze klus nauwelijks te vinden en dus startten we gelijk met Poolse medewerkers. Via AB Oost. We wilden het van meet af aan goed geregeld hebben. Natuurlijk voor ons, maar zeker ook voor onze medewerkers. AB Oost houdt alle administratie op orde -conform de heersende wet- en regelgeving- en de Polen krijgen een goed salaris en zijn prima verzekerd. Ook handig: AB Oost heeft tolken die de communicatie vergemakkelijken. We hebben het een keer gehad dat een medewerkster op de weg naar Nederland ziek werd. Natuurlijk ben ik toen met haar naar de huisarts geweest. Helaas bleek het ernstig en heeft AB Oost de zorg netjes overgenomen. Dat vinden we belangrijk. Die mensen laten kinderen, kleinkinderen, huis en haard achter om hier te komen werken. Hard werken, zonder klagen. Diep respect van onze kant, hoor!”

Onkruiddruk

De huiskavel van maatschap Van Nieuwenhuyzen bedraagt 43 hectare met een bouwplan van 1 op 6. Op dit moment telen de drie akkerbouwers aardappelen, uien, peen, erwten, grasklaver en suikermaïs. Verderop aan de Zijdenettenweg ligt nog eens 24 hectare. Deze grond is in omschakeling (naar biologisch) en er staat luzerne. Tot slot huurt het bedrijf nog 20 hectare bewaarpeen op afstand. Sommige teelten moeten ze 2 à 3 keer rond om het onkruid de baas te blijven. Het wiedbed speelt dan ook een centrale rol in de bedrijfsvoering van Van Nieuwenhuyzen. De constructie bestaat uit een raamwerk met twaalf ‘ligplekken’ en hangt in de hefinrichting van de trekker. “We liggen op onze buik met het gezicht naar de grond. We rijden langzaam tussen de rijen door en steken met een klein mesje al het onkruid weg. Ik probeer zo vaak mogelijk mee te gaan. Ik ken het land, de moeilijke plekken en vind het gewoon belangrijk om het werk te ervaren.”

Ontzorgen

In het begin was de samenwerking met de Poolse medewerkers nog een beetje aftasten, vertelt Carla. “Zeker op het wiedbed is het belangrijk dat iedereen in hetzelfde tempo en met dezelfde precisie werkt. Is iemand traag, dan houdt dat het hele team op. Nu werken we al weer een aantal jaren met dezelfde medewerkers. Doordat we elkaar zo goed kennen, hoef ik niets meer uit te leggen. We begrijpen elkaar, ondanks dat we elkaars taal niet spreken. Die goede match danken we voor een groot deel aan onze Flexconsultant Richard Wezenberg. Hij denkt altijd met ons mee, kent de filosofie en arbeidsbehoefte van ons bedrijf en weet hoe wij met onze medewerkers omgaan. Hij is in staat om passende mensen te vinden. De lijnen zijn kort. Wijzigen de omstandigheden, dan kunnen we daar samen adequaat op reageren. Ook dat draagt bij aan de goede werksfeer.”

Eigen huisvesting

“We geven Wezenberg onze planning door, hij seint alle medewerkers in en op de afgesproken datum staan ze alle 7 of 9 weer op het erf. Voorheen regelde AB Oost de huisvesting. Dit jaar hebben we zelf kamers en voorzieningen voor hen gebouwd. Ideaal. Ze hoeven nu niet heen en weer te reizen en je bent veel flexibeler. Als het te nat is, houden we langer pauze of doen we andere klussen. Hebben we ’s avonds nog een paar droge uren, dan gaan we snel naar het land. En we vinden het gezellig ook. We lopen elkaar echt niet in de weg; iedereen heeft voldoende privacy.” Na ongeveer 6 weken werken stappen de eerste medewerkers weer op de bus naar huis. Uiteindelijk blijven er nog 2 of 3 over.

Werken aan kwaliteit

Toekomstplannen hebben de akkerbouwers genoeg. Momenteel werken ze aan het implementeren van de biologisch dynamische werkwijze. Nog meer dan bij andere bedrijfstypen staat de kringloopgedachte hierbij centraal. Daarom voegen we mondjesmaat wat vee toe aan het bedrijf. Zij eten onze grasklaver en hun mest gebruiken we op het land. Pure verrijking van onze producten. Daarnaast weet ik zeker dat alle aandacht die wij en onze medewerkers aan de gewassen geven zich uitbetaalt in kwaliteit: gezonde en lekkere voeding.”

AB Oost Netwerk juni 2016